Anouk Schelfaut (23) studeerde in 2019 af aan het Sint-Lievenscollege Antwerpen. Ze blikt terug op het middelbaar en vertelt meer over haar traject in het hoger onderwijs. Ze volgde vier jaar lang de richting Verpleegkunde aan de KDG. Na haar schakeljaar is ze nu haar master aan het behalen aan de Universiteit van Antwerpen.
Door
Floor van kelst
/

Welke richting(en) volgde je op de middelbare school ?
‘Ik ben gestart in Latijn, de eerste twee jaar. Dan ben ik overgeschakeld naar Economie- Moderne Talen, dat heb ik dan nog vier jaar gedaan.’
Heeft jouw richting op de middelbare school invloed gehad op je studiekeuze in het hoger onderwijs?
‘Ik vond economie eigenlijk echt niet zo leuk. Dus ben ik later gaan zoeken naar iets totaal anders. Eerst twijfelde ik om tussen het vierde en het vijfde middelbaar naar Humane Wetenschappen over te schakelen, maar op dat moment was het eigenlijk eenvoudiger om gewoon economie te blijven doen.’
Had je het gevoel dat deze richting jou genoeg voorbereidde op de overgang naar de hogeschool?
‘In het algemeen was ik wel goed voorbereid. Door de examens in het middelbaar leerde je hoe je grotere blokken leerstof moest verwerken. Daarnaast hebben we ook een scriptie moeten maken in het laatste jaar. Op de hoge school moet je echt heel vaak onderzoek doen, literatuur opzoeken en je bronnen correct vermelden. Heel wat medestudenten hadden het daar erg moeilijk mee, maar ik wist al hoe dat moest.
Hoe zou je de richting verpleegkunde omschrijven aan mensen die niet weten wat dat inhoudt?
‘Verpleegkunde is echt immens breed. Als je aan een verpleegkundige denkt, dan denk je misschien aan iemand die je komt verzorgen in het ziekenhuis. Toch kan het veel breder gaan: ook in de thuiszorg, psychiatrie en huisartsenpraktijken zijn verpleegkundigen nodig bijvoorbeeld.
Wat zijn voor- en nadelen aan de richting verpleegkunde?
‘Een algemeen nadeel is dat de opleiding aan de hogeschool vier jaar is. Dat heeft er echt wel voor gezorgd dat ik twijfelde. Andere diploma’s zijn maar drie jaar. Soms zelfs maar twee jaar, als je een graduaat hebt.
Inhoudelijk is een voordeel dat het heel praktisch gericht was. Dat maakt het ook echt leuker en draaglijker. Zo zag meteen of het iets voor jou was. Ik vond het ook wel jammer dat je niet op alles praktisch werd voorbereid. Je werd soms in je stage ‘gesmeten’ zonder dat je goed had geleerd om bloed te prikken. Je moest het daar maar doen.’
Is het verschil tussen de hogeschool en de universiteit groot? Aangezien je een schakeljaar maakte.
‘Ja, absoluut. De universiteit is veel onpersoonlijker. Op de hogeschool had je een leertrajectbegeleider. Dat is een soort ‘titularis’ zoals op de middelbare school. Als er iets is, dan kan je ook altijd naar die persoon gaan. Hij of zij gaat je dan helpen. De docenten zijn op de hogeschool ook allemaal iets toegankelijker. Als ik een probleem op de universiteit heb, dan moet ik zo’n gigantische mail opstellen, en hopen dat ik een antwoord krijgt.
Op de hogeschool moet je vaak stages doen. Op de universiteit zit je enkel in aula’s om theoretische lessen te volgen. Er komt wel eens een stage bij kijken, maar in vergelijking met de hogeschool is dat echt niks.’
Wat vind je fijner?
‘De hogeschool, absoluut. Ik ben ook blij dat ik dat als eerste gedaan heb. Want als ik eerst op de universiteit zat, dan denk ik dat ik gestopt was. Ik ben iemand die af en toe wel wat hulp nodig heeft, niet: “dit is de opdracht, zoek het uit”.’
Heb je nog tips voor de leerlingen van het zesde middelbaar die binnenkort op zoek gaan naar de juiste richting voor hen?
‘Als je nog niet weet wat je wilt gaan doen, moet je echt gewoon heel veel online opzoeken en open lesdagen bezoeken. Dat helpt echt.
Denk ook zeker goed na over je keuze tussen de hogeschool & de universiteit. Denk je: “ik ben heel bang voor die theorievakken, geef mij wel wat theorie in praktijk gecombineerd”, dan is de hogeschool beter. Heb je zoiets van nee, “ik ben echt wel klaar om gewoon te studeren en die praktijk, dat is allemaal nog wat te snel”. Dan is de universiteit beter. Je kan later nog een schakeljaar doen om over te schakelen naar de universiteit.
Het is misschien een stomme tip, maar het komt allemaal wel goed. Je staat er niet alleen voor. Zoek dus vooral je medestudenten op. Probeer met hen samen te werken. Ik heb een vriendin waarmee ik altijd onze vakken in twee splits. Zij vat de ene vakken samen en ik de andere. Wij delen die samenvattingen dan en dat maakt het werk ook echt veel lichter.
Om af te sluiten: laat zeker niet al je werk liggen tot januari, dat doen zo veel mensen. Ik ben daar zelf ook schuldig aan, maar het helpt echt als je dat in kleinere brokken kan doen.’
